Als je van tuinieren houdt, dan weet je dat veel insecten goed zijn voor je tuin. Vooral als er veel diversiteit in je tuin is, zal je tuin waarschijnlijk goed in evenwicht zijn. Een tuin die in evenwicht is, heeft minder last van plagen. Want ja, daar heeft iedereen die een tuin heeft mee te maken. In mijn eerste jaar dat ik een grote tuin van 250 m2 mocht hebben, maakte ik kennis met luizen in mijn pluktuin. Zwarte luizen wel te verstaan. Ik had korenbloemen voorgezaaid, deze vind ik zo mooi. In het voorjaar uitgeplant en binnen een mum van tijd stonden deze mooie eenjarige plukbloemen vol met luizen. Heel frustrerend. De stelen van de korenbloemen waren niet meer groen, zoals normaal, maar zagen vooral zwart. Luizen trekken de sappen uit je planten, waardoor ze niet voldoende voedingsstoffen krijgen. Hierdoor gaan ze vaak hangen en groeien ze nog minimaal (of zelfs helemaal niet meer). Ik ging op zoek naar natuurlijke bestrijding. Mijn tuin moet een fijne plek zijn voor mens en dier, dat betekent dat alles wat ik in de tuin gebruik natuurlijk moet zijn. Dus ook als ik van luizen af wil of wil voorkomen. Want voorkomen is beter dan genezen.
In deze blog laat ik je zien en lezen hoe ik van mijn luizen afkwam. Ik gebruikte daarvoor insectenpotjes en ik leg je stap voor stap uit waarom deze potjes helpen, maar ook hoe je deze potjes kunt maken. Het is gelukkig heel simpel. Ook geef ik je tips voor de plaatsing van de insectenpotjes. Kijk en lees je mee in deze blog?
Inhoudsopgave
Wat is natuurlijke bestrijding?
Natuurlijke bestrijding betekent dat je plagen in de tuin onder controle houdt zonder het gebruik van chemische middelen. In plaats van bestrijdingsmiddelen gebruik je de natuurlijke balans tussen planten, insecten en dieren. Veel insecten in de tuin zijn namelijk geen probleem, maar juist een oplossing. Zo eten lieveheersbeestjes bladluizen en helpen oorwormen bij het opruimen van kleine plaaginsecten.
Door deze nuttige insecten een plek te geven in je tuin, ontstaat er een natuurlijk evenwicht. Daardoor blijven plagen meestal vanzelf beperkt. Vooral als je net met een tuin begint, is het tuinieren op zich al intensief genoeg. Als je dan ook nog moet nadenken over hoe je met plagen om moet gaan, dan weet je niet meer waar je moet beginnen. Daarom is het verstandig om in ieder geval deze insectenpotjes met hooi te plaatsen, dan doe je al iets aan natuurlijke bestrijding.
Welke plagen kun je in je tuin verwachten?
Naast luizen zijn er nog meer plagen die in een tuin kunnen komen. Vaak zijn ze onderdeel van het ecosysteem, maar soms kunnen ze planten flink aantasten. Hieronder een lijstje met voorbeelden:
- Luizen; zowel witte als zwarte.
- Slakken; ook een plaag voor heel veel tuinierders.
- Rupsen; ook al zijn de vlinder hiervan zeer welkom, ruspen kunnen flink huis houden in een moestuin.
- Trips
- Witte vlieg; vooral bij tomaten kun je deze tegen komen. Gelukkig kun je daar in de buurt Afrikaantjes planten en dan zie je de witte vlieg niet meer.
- Spint
Gelukkig zijn er ook veel natuurlijke vijanden van deze plagen. Door je tuin aantrekkelijk te maken voor nuttige insecten help je deze natuurlijke helpers een handje.
Insectenpotjes voor natuurlijke bestrijding
Een eenvoudige manier om nuttige insecten aan te trekken, is door kleine insectenpotjes in de tuin te plaatsen. Deze potjes worden vaak gemaakt van een terracotta bloempot die gevuld is met stro, hooi of houtwol. Vooral oorwormen maken hier graag gebruik van. Overdag zoeken ze een beschutte plek om te schuilen en ’s nachts gaan ze op zoek naar voedsel in de tuin. Deze eenvoudige schuilplek kan dus helpen om nuttige insecten in je tuin te houden.

Nut van deze insectenpotjes
Oorwormen hebben soms een slechte naam, maar in de tuin zijn ze juist erg nuttig. Ze eten onder andere:
- Bladluizen
- Kleine rupsen
- Insecteneitjes
- Andere kleine plaaginsecten
Daardoor helpen ze om plagen in balans te houden. Door insectenpotjes op te hangen of op een stokje te plaatsen, geef je deze insecten een veilige schuilplek. Zo werk je samen met de natuur in plaats van ertegen.
Hoe maak je deze insectenpotjes?
Het maken van een insectenpotje is eenvoudig en kost weinig materiaal. Dit heb je nodig:
- Terracotta bloempotjes
- Stro, hooi of houtwol
- Een stukje touw of stokje; afhankelijk of je de potjes gaat ophangen of op een stokje zet.

Zo maak je het potje:
- Vul de bloempot met stro of hooi. Druk er veel hooi of stro in, het maakt niet uit als er stengels uit hangen.
- Zorg dat het materiaal niet te los zit zodat het een fijne schuilplek vormt.
- Zet het potje omgekeerd op een stokje of hang het op.
- Plaats het potje tussen planten waar je bladluizen of andere plagen verwacht.
Het potje vormt zo een kleine schuilplek voor nuttige insecten.

Plaatsen van insectenpotjes
De plek waar je het potje plaatst is belangrijk. Oorwormen houden van een rustige en beschutte plek. Goede plekken zijn bijvoorbeeld:
- Tussen fruitbomen
- In de moestuin
- Bij planten die gevoelig zijn voor bladluizen
- In een bloemenborder
- Om de zoveel meter in je tuin. Ik plaats om de 4 à 5 meter een potje met hooi.
Plaats het potje dicht bij planten waar insecten vaak voorkomen. Zo kunnen de nuttige insecten snel hun werk doen.
Wat kun je nog meer doen aan natuurlijke bestrijding?
Naast insectenpotjes zijn er nog meer manieren om natuurlijke insectenbestrijding te stimuleren in de tuin. Enkele simpele tips:
- Plant bloemen die insecten aantrekken. Denk aan lavendel, korenbloemen, cosmea’s en zonnehoed. Een combinatie van vaste en eenjarige planten en bloemen is sowieso aan te raden. Vaste planten blijven terug komen. Eenjarige bloemen zul je ieder jaar opnieuw moeten zaaien of dat de plant de zaden zelf uitzaait. Dat doen overigens de korenbloemen en cosmea’s uitstekend.
- Laat een stukje tuin wat wilder; denk aan een vierkante meter. Dat is al genoeg.
- Gebruik geen chemische bestrijdingsmiddelen.
- Zorg voor variatie in planten en inheemse planten zijn belangrijk voor de diversiteit in je tuin.
- Plaats insectenhotels.
Wat je nog meer kan doen is het verdiepen in de permacultuur, dus leven met de natuur en je bijvoorbeeld verdiepen in de principes daarvan. Het plaatsen van planten/fruitgildes kun je aan denken, maar ook het toevoegen van water in je tuin.
Hoe meer biodiversiteit er in de tuin is, hoe groter de kans dat plagen vanzelf in balans blijven.

Deze blog hoort bij mijn serie blogs over tuin(ieren).
Hoe zorg jij ervoor dat je plagen te lijf gaat in je tuin? Laat je het me weten in een reactie hieronder? Ik ben benieuwd!

Wil je graag deze blog delen op Pinterest? Dan kun je daarvoor onderstaande afbeelding gebruiken:

